menske – ultima vez

15 11 2007

Gisterenavond is de dansvoorstelling “Menske” van Ultima Vez in wereldpremière gegaan in de KVS in Brussel. Choreograaf Wim Vandekeybus beloofde ons voor deze voorstelling een symbiose van dans, theater muziek, poëzie en scenografie. Met tien dansers.

“Wat doe je als alles waarin je gelooft in één keer wordt ontworteld? Heb je het lef een duik in het ongekende te nemen? Of boezemt verandering net angst in? Heeft de mens eigenlijk echt wel zo’n formidabel aanpassingsvermogen? Deze vragen vormen het uitgangspunt van de voorstelling”.

Het decor zag er alvast veelbelovend uit: de beangstigende sfeer van een nachtelijke grootsteedse achterbuurt, versterkt door de rook en belicht met een stroboscooplamp. Een elektriciteitspaal achteraan op het podium van waaruit een massa draden het podium overspanden. In een hoekje vooraan een bevreemdend soort tafel met een switchboard, waaraan de hele avond een danser met kabeltjes en draadjes zat te prutsen. “La cité des enfants perdus“, surrealistisch en bizar, flitste door mijn hoofd.

Het begon direct confronterend: een vrouw die zichzelf letterlijk te kakken zet aan de rand van het podium. Waren we deze seventies gedurfdheid niet lang voorbij? Ondertussen een kwartier lang een man met een rookmachine”koffer”, een tekst uitkramend en van hier naar daar over het podium huppelend. Daar gingen we. Weer de arty-farty toer op.

Wanneer de tien dansers allemaal hun zegje gedaan hadden, een aantal keren op het podium van kleren hadden gewisseld én het decor al lummelend en/of acrobatisch hadden verkend van links naar rechts, van voor naar achter, en van boven naar onder met behulp van de paal, werd er eindelijk gedanst.

Helaas, anders dan in zijn vorige creatie “Spiegel” die de meest opmerkelijke scènes uit zijn volledig oeuvre bij elkaar bracht, kreeg dans in deze voorstelling een ondergeschikte plaats. En dat is jammer. Want ze kunnen het. Dansen. En krachttoeren uithalen. Hun schitterende lijven gebruiken. Zo is de scène waarin één danseres door kabels “achtervolgd” wordt en telkens “gevangen”gezet, magnifiek. Samen met de muziek, gecomponeerd voor deze voorstelling door Daan, vormen ze de perfecte match. Helaas is er te weinig van dit. Te veel wordt er overgeschakeld op oeverloos gelul.

Midden in de voorstelling wordt het decor even omgevormd tot een “psychiatrisch centrum” en heeft Vandekeybus wel heel erg goed naar David Lynch gekeken. In een absurd-humoristische film zouden de “verklede” dansers absoluut top zijn, maar hier wekten ze – niet-bedoeld volgens mij – op de lachspieren van vele toeschouwers, ook op de mijne.

Na deze “onderbreking” werd er gelukkig nog een stukje gedanst. En weer toont Vandekeybus hier zijn onmiskenbaar talent. De manier waarop de danseressen door de dansers als “wapens” gebruikt worden is een trouvaille en prachtig om zien, maar helaas vervalt hij later in een cliché door zijn “film” een heldhaftige en/of dramatische afloop te geven, met veel bombarderie en lucht- en rookverplaatsing. En gelukkig heel goede muziek.

Jammer, wat mij betreft. Het is te veel van het goede. Poëzie lees ik graag thuis. Er werden het eerste kwartier een paar rake zinnen voorgedragen die ik schitterend vond, maar spijtig dat ze zo weer vervlogen waren en ik er niet even kon bij stilstaan en ze nog eens en nog eens herlezen en laten bezinken.

In het deel met de “psychiatrische patiënten” zit een werkelijk sublieme scène – een danseres zittend op een tafel met een handtas op haar schoot en steeds ritmisch dezelfde zinnen debiterend – maar dit zou je moeten kunnen “knippen” en dan heb je een beklemmend stukje videokunst à la Pipilotti Rist. Dat zie ik echter ook weer liever apart, net omdat ik het dieper tot mij wil laten doordringen.

Er zijn te veel impulsen, te veel probeersels en te veel van alles bij elkaar. Ja, zo was het aangekondigd. Maar hoe tegenstrijdig dit ook kan klinken, toch is het tegelijkertijd op sommige momenten saai. Hoogstwaarschijnlijk heb ik niet genoeg arty-farty gehalte en ben ik weer eens helemaal niet mee, maar ik verkies dans wanneer ik naar een dansvoorstelling ga. Met wat frivoliteiten en zijsprongetjes eventueel, maar met vooral, ja, dans.

Dus Wim, je hebt talent, je moet het niet zo nodig op honderd verschillende manieren etaleren. Laat je dansers, die je steeds perfect weet uit te kiezen, dansen en regisseer je herkenbare choreografie om “op te treden”. Schrijf daarnaast een dichtenbundel anex fotoboek, maak nog eens een reclamefilmpje en een video-installatie. Steek je afwisseling in je sublieme dansfilms.

Je had me kunnen ontroeren, maar ik kreeg er de tijd niet voor. Door het “te veel” en daardoor vreemd genoeg ook “te weinig” werd ik geen enkele keer écht geraakt bij deze voorstelling. Je bent goed in al deze disciplines. Maar niet in allemaal tegelijkertijd.

(Voor wie wil kennismaken met het werk van Wim Vandekeybus en het dansgezelschap Ultima Vez is de film “Blush” een aanrader, als dansvoorstelling het beste wat ik van hen zag.)

Menske – Ultima Vez – KVS Brussel – 14 november 2007
Voorstellingen in 2008 in verschillende culturele centra in België en Nederland.

(En laat bovenstaande u vooral niet tegenhouden om te gaan kijken: een andere blogger dacht er nèt iets anders over)





kiezen is verliezen… oh neen!

29 08 2007

Wat een verscheurende keuze:

* één week “un coin du paradis

* in diezelfde week drie concerten: Alfred Brendel en Crowded House OF Feist én een te gekke verjaardagsparty van iemand die dertig wordt!!

Ik denk dat ik maar voor keuze één ga, want hoe kan ik ooit kiezen tussen Feist of Crowded House?

Gelukkig is er op 19 november nog Roisin Murphy in AB!





uitbundig concert van bescheiden muizen

26 06 2007

Het werd nog eens tijd.

Damien Rice gemist wegens te laat voor kaarten . Tom McRae gemist wegens “verhinderd”. Macy Gray gemist wegens vakantie en ook Modest Mouse zou ik helaas daardoor aan mij moeten laten voorbijgaan.

Gelukkig hadden de heren beslist hun concert van 14 juni te verplaatsen naar – o lucky me – vandaag 25 juni. Een mooiere afsluiter van mijn vakantie kon ik me niet wensen. En ook niet van mijn concertjaar. In tegenstelling tot veel anderen voor wie dit nu pas begint met de festivals en een hele zomer duurt stopt het dan net bij mij. Ik ben geen festivalmens (meer), ik hou het liever bij kleinere zaaltjes en die concerten beginnen weer eind september (Alhoewel, Blue Note Gent, Elvis Costello dit jaar, dat mag ik eigenlijk niet missen!)

Maar ter zake. De laatste CD van Modest Mouse “We were Dead Before the Ship even Sank” kwam uit in maart jl. en deze keer was het in Amerika, ondanks de toch niet zo toegankelijk in het oor liggende muziek, meteen raak en stootten ze door tot nummer 1 in de album-charts.

Ik leerde Modest Mouse eigenlijk pas kennen iets minder dan twee jaar geleden – weer eens door Jelle en Boris – alhoewel de groep reeds is opgericht in 1993, . Ik was meteen weg van hun aparte zenuwachtige sound en stemvariatie van de zanger Isaac Brock. Geen grote optimisten, want hun teksten en soms wanhopig schreeuwerig stemmen maken je niet direct vrolijk. De rustige en ingetogen nummers zijn zelfs op het sombere af. Gelukkig pept hun stevig gitaarwerk in hun andere nummers je weer op.

Voor het eerst een eigen concert in België, hun andere doortocht was van een optreden op Werchter.

Buiten aan de AB een groot aantal om kaarten bedelende fans, ik was er me niet van bewust dat het uitverkocht was… Groot was dan ook de verrassing/verbazing dat de zaal ABbox geworden was, tot de helft afgesloten met de gordijnen met verlichte sterretjes waardoor er een klein gezellig zaaltje gecreeërd werd. Dit betekende dus een intiem concert voor hooguit 500 man. Met mijn zeskoppig gezelschap van min dertigers werd er dus in de langzaam vollopende zaal postgevat vlak voor het podium. Als een volleerde groupie stond ik op de eerste rij, met mijn neus op de groep.

De band ging direct stevig van start met een aantal nummers uit hun oudere cd’s, afgewisseld met een zestal me tot nu toe nog onbekende nummers van hun nieuwe cd, waardoor de sfeer er wegens de regelmatige herkenbaarheid onmiddellijk goed in zat. Toen ze na een aantal nummer “Float on” inzetten, ging het select gezelfschap fans helemaal uit de bol. Het hoogtepunt kwam er met een zeer lang uitgesponnen versie van één van mijn lievelingsnummers: “Tiny Cities made of Ashes”… waarbij de zanger zich ook in het publiek begaf. Helaas kon ik niet zien wat er zich daar allemaal afspeelde.

Ruig en stevig, zp ging het er aan toe, ook bij mijn gelegenheidsvriendenkring. Allemaal opgetogen door de geweldige performance en de goeie sfeer. Isaac Brock gaf er stevige lappen op, ook letterlijk,.de microfoonstandaards constant van hier naar daar gooiend en bijna was dit nog eens een concert waar er een gitaar zou tegen de grond vliegen…

Met nog een drietal bisnummers werd dit uitstekend concert afgesloten. Enig minpuntje voor mezelf, ik miste een paar van hun mooie rustige nummers, maar daar hadden ze vanavond duidelijk geen zin in.

Setlist*:
“Satin in a coffin”
“Dashboard”
“Burry me with it”
“Fire It Up”
“Paper Thin Walls”
“Float On”
“Education”
“Little motel”
“Bukowski”
“We’ve got everything”
“Out of Gas”

“Tiny Cities Made Of Ashes”
“Fly trapped in a jar”
Bis
“Breakthru”
“Cockroach”
“Spitting Venom”

(*met dank aan Felix)

Tevreden maar ook emotioneel wat van stuk (in memorie of) naar huis, in de auto nog ontroerd nagenietend van hun laatste cd, ter plaatse gekocht voor slechts 10 eur.





het einde van de wereld

9 05 2007

Vanavond Tom McRae in Koninklijk Circus in Botanique.

En ik moet dat missen….

(the boy with the bubblegun)





en die kat kwam weer…

3 05 2007

In november zag ik ze al eens aan het werk in de AB, gisterenavond was ze er weer in het Koninklijk Circus in het kader van Les Nuits Botanique: Cat Power. Onwaarschijnlijk dat voor een artieste van dit kaliber de zaal maar voor twee derden gevuld was.

Een totaal ander concert dan vijf maand geleden. Tot dan toe kende ik Chan Marchall voornamelijk in te groot geruit blokhemd met loshangende lange haren waardoor deze prachtige vrouw er – blijkbaar doelbewust – te grof en mannelijk uitziet, gisteren was ze met paardestaart, skinny jeans, los truckers T-shirt en witte sportschoenen een freel en tenger meisjesachtig wezentje. Niets voor niets heeft Karl Lagerfeld deze schoonheid als muze uitgekozen voor zijn kledinglijn van de zomer 2007. Gisteren leek het echter of ze opzettelijk vermeed enige gelijkenis te vertonen met de glamoureuze foto’s op de cover van ID magazine.

Maar over de muziek dan: dit keer kon men van echte power spreken. Geruggesteund door de Dirty Delta Blues band was ze in goede doen. Zonder franjes, ruwer en stoerder dan in haar vorig, veel intimistischer concert met de Memphis River Band. Heel het optreden door had ze iets van PJ Harvey en deed ze me, mede door de handschoentjes die ze droeg, denken aan Pat Benatar. Het begon met een aantal covers, o.a. een bijna onherkenbare versie van New York New York. Eén van de bekendste nummers van haar laatse CD, The Greatest, werd op een aparte manier gebracht, begeleid met vettig gitaarspel en solide pianogetokkel van de uitstekende band. Het weinig enthousiaste publiek was tevreden met dit herkenbaar nummer. Met haar expressieve, bijna spastische bewegingen bewoog ze zelfs in de rustiger nummers een paar maten sneller dan haar band, wat soms zeer enerverend overkwam. Ze blijft onwennig op een podium staan – of liever, kilometers heen en weer lopen – en heeft haar vrees blijkbaar nog steeds niet overwonnen. Dezelfde ik-geef-me-een-houding-truk met de sigaret als vorige keer, om dan akoestisch over te gaan op “Can give you anything but love”. Met een uitstekend rockende en goed vermomde cover van”Satisfaction” van de Rolling Stones” en het countrynummer “Crazy” van Willy Nelson sloeg de stemming van op het podium echter jammer genoeg nog steeds niet over op de lauw reagerende zaal. Na anderhalf uur flink van jetje geven kwam ze met de groep na een beleefdheidsapplaus terug voor een aantal bisnummers, de aanwezigen schreeuwden om het nummer “I don’t blame you” maar ze riep “Don’t ask that!”. Ze was met deze band, waaronder Jim White aan de drums (Nick Cave, Smog) duidelijk niet van plan op de zachte toer te gaan. En gelijk had ze. Eén toegeving:”Lived in Bars” maar totaal andere versie dan op CD.

Dit was een Chan Marshall die ik niet kende, één die me niet zo emotioneel aangrijpt als de Cat Power van de CD’s (mijn muziek-maatje Jelle ‘Bodie Sorgeloos’ leerde me een aantal jaren geleden CatPower kennen) maar die zeker zo goed is. Het moet gezegd, ballads doen haar fabuleuze stem wel meer recht aan en geven haar meer mogelijkheden tot variatie, terwijl het gisteren allemaal wat in dezelfde toonaard lag. Maar net daarvoor dienen concerten, het hoeft niet altijd hetzelfde te zijn. En dit in één van de voor mij aangenaamste concertzalen (op de rotonde van de Botanique na) van België. Een paar schoonheidsfoutjes (o.a. slecht afgestelde microfoon en af en toe minder goede balans tussen band en Chan’s stem) maar voor de rest een zeer geslaagde avond.

Cat Power and Dirty Delta Blues – Koninklijk Circus Brussel – woensdag 2 mei 2007





f.c. de kampioenen anno 1873

26 04 2007

Tot afgelopen vrijdag had ik geen mening over operette. Ik ken er niks van. Hoogstens wat geparodieer erop. Het spreekt me niet echt aan, dus ik heb er me ook nooit voor geïnteresseerd. Maar Wenen is operette en helaas was ik in een week in Wenen waar er noch in de Staatsoper, noch in de Volksoper een uitvoering was waar ik echt naar uitkeek. Vorige week René Jacobs, jammer. Volgende week De Toverfluit, zeer jammer. Maar een bezoek aan Wenen kan niet zonder een bezoek aan de Oper, dus het werd “Die Fledermaus“. Dus nu heb ik ook een mening over Operette.

Een operette is “een muziekstuk van vrolijke aard waarin zang afgewisseld wordt met woord”. Vrolijk was het in elk geval, “Die Fledermaus”. Ik kende het verhaal niet. Nu wel. Het heeft niet veel om het lijf. A die ooit eens onsterfelijk belachelijk gemaakt werd door B omdat hij verkleed als vleermuis dronken achtergelaten werd op een marktplein wil wraak nemen en op zijn beurt B belachelijk maken. A heeft hiervoor een plan bedacht met medeweten van C, D, E en F en de rest van het alfabet.

thumb_174.jpgthumb_175.jpgthumb_176.jpg

Sitcom avant la lettre, en in feite was het ook wel zo bedoeld toen. Amusement voor het volk en de burgerij. En het had inderdaad alle nodige ingrediënten. De gelijkenis is treffend. Krakkemikkig scenario, burleske scènes, veel volk op het podium, veel verwarring, oubollige grappen, onderbroekenlol, flauwe woordspelingen – “au reservoir” – , hilarische toestanden en de klassieke typetjes. Tussendoor een “reclameblokje” voor champagne , een schitterend dans-en zangnummer op het bal. Nog een walsje hier en een walsje daar, want dit werden “hits” die nadien overal gespeeld werden. Het derde bedrijf met dronken cipier en gevangenisdirecteur (het moet gezegd: uitmuntende vertolkingen!) leek wel een scène van Gaston en Leo. Ondertussen weet niemand nog hoe of waar of wat, maar op het einde valt alles in de plooi en komt iedereen (“toevallig”) tesamen op de scène voor de Grande Finale, huisje weltevree, gelukkig en vrolijk.

En plezier in de zaal! Gelach en gegier en gebulder, waar ik dan weer door verbazing het meeste plezier mee had.

Maar, het stuk deed wat het moest doen, de mensen amuseren. En wat meer is: vrijblijvend amusement op topniveau, met absoluut fantastische zangers en acteurs, met schitterende musici en een overgetalenteerde dirigente. Het kruim van de muziekwereld. En ik heb me geen minuut verveeld, het was een wervelend schouwspel, er werd gedanst dat het een lieve lust was (met groteske overdrijvingen, maar zo moest het, overacting!) en de kostuums waren oogstrelend. Drie uur absoluut waar voor je geld. Niet iets wat ik nog een tweede keer zal doen, daarvoor ligt het soort humor me echt niet, maar zeker tevreden dat ik dit unieke spektakel op het podium én in en rond de zaal – zeer apart- mocht meemaken.

Die Fledermaus- Johann Strauss – Volksoper Wien – 21 april 2007

Bekijk hier de trailer (klik op “videobeispiel”)





het huis van mijn dromen..

12 04 2007

Vreemd optreden gisteren in AB Brussel, CocoRosie. Eén van de vreemdste die ik de laatste jaren bijwoonde. Na het gebruikelijke gesleutel aan de instrumenten komt op 20 u een dame met sportjack met kap en korte tutu het podium op. Neen, niet Bianca of Sierra, maar een echte Brooklynse rapster/hiphopper : Bunny Rabbit. O, dus eerst een voorprogramma ? Niks van gelezen. Ze is vergezeld van een andere dame en er wordt flink wat afgerapt en gedanst. De zaal begint zowaar mee te dansen. Niet mis. Na een half uurtje wordt men in de zaal echter wat ongeduldig, het concert zou eigenlijk al om 19 u beginnen.

Half negen. Een magere jongen met bril en das komt met microfoon op het podium. Stemtest, denkt iedereen. Ja, inderdaad, stemtest, maar voor zichzelf. Een echt goede beat-boxer, de vreemdste geluiden maakt hij enkel met zijn microfoon en stem. Bewonderenswaardig. Maar na een kwartiertje heb ik hier echt wel genoeg van. Hij weet echter van geen ophouden en blijft maar doorgaan. OK, goed zo, maar doe ons nu maar CocoRosie.

images-6.jpegimages-15.jpegimages-13.jpegimages-14.jpegimages-16.jpeg

Weer stilte, lichten aan, lichten, uit, weer een verwachtingsvolle zaal. Een vreemd wezen, kruising tussen Nina Hagen en Alice Cooper met een pruik van Diana Ross in haar beste tijd, komt op. CocoRosie schrikt niet van een paar bizarre uitdossingen, dus wie van de twee zusjes zou deze zijn ? Ze schrijdt over het podium, is behangen met wat mij op een tiental rollen toilet papier lijkt, komt vooraan staan, spreidt de armen als een bezwerende sjamaan. Ze is topless en heeft enkel een boxershortje aan en hoge rijglaarzen ; neen, dit is definitly not Bianca of Sierra. Wanneer ze begint te zingen wordt het helemaal duidelijk. Rock, lelijk en vals. Willen de wispelturige zusjes niet optreden, en heeft de organisatie ergens op de Anspachlaan één of ander hoertje van straat geplukt om ons wat bezig te houden? Zijn ze de jonge beatboxer ook uit de gangen van het Centraal Station gaan halen ? Het is wel even genoeg voor mij. Ik geraak er alsmaar meer van overtuigd dat CocoRosie er gewoon niet is of dat ze zich tegoed gedaan hebben aan teveel kruidenthee en out zijn. Wanneer na dit «optreden » met veel geschreeuw ook nog een zwarte vriend van de poëzie, gekleed in een belachelijk rood hansopje, een frans gedicht komt voordragen, in de houding van « de denker » van Rodin, heb ik het echt wel gehad. Samen met mijn gezelschap houd ik het niet meer en we liggen bijna plat omdat we weer eens denken dat men ons goed voor de gek aan het houden is. (Waar staat de verborgen camera ?)

Ondertussen, kwart voor tien, de zaal wordt nu echt ongeduldig. Nog maar eens wat gesleutel aan de luttele instrumenten. En dan, eindelijk, maken ze hun opwachting. Eerst Bianca, heel sober, met wit hemd en broek in de laarzen. En we worden beloond. Ze trekt haar mond open en direct betovering. Schitterende sound en zang zoals we het kennen van hun CD’s. Helaas, dan komt Sierra komt het podium op in lang zwart kleed en onmiddellijk is de toon gezet. Zweverig, op blote voeten huppelt ze over het podium, zwaaiend met de lange rok, in een dans wat waarschijnlijk het aanbidden van de machtige energie van de kosmos moet voorstellen. Op een groot scherm achter hun worden voortdurend vreemde filmpjes vertoond.

En dan beseffen we ineens dat we het helemaal niet begrepen hebben! Nuchtere en koele vrouwen als we zijn. Die « voorprogramma’s » waren gewoon onderdeel van de show want de Franse Wim Helsen, de bezweerdster-sjamaan en de rappers/hiphoppers komen in de filmpjes en later -helaas- ook weer op het podium.

En hier ben ik niet meer mee. Dit arty-farty gedoe is er net over. Dit is me allemaal te zweverig, te weinig zelfrelativerend. Het enige wat je kan zeggen is dat het podium er bijwijlen heel poëtisch uitziet, met deze vreemde indigo-kinderen. Vooral als ze ook nog eens aan het freewheelen slaan en beginnen te dansen alsof ze door de eeuwige jachtvelden lopen. Vooral veel plezier bij hen maar weinig bij het publiek. Veel pauzes tussen de nummers, veel improvisatie, of tenminste zo lijkt het. Veel pose.

images-9.jpegep04_gecko_lila_at_table.jpg

Schilderijen van Ensor, scènes uit Carnivale, maar ook stripprentjes uit Lucky Luck schieten me voor de geest, dit laatste vooral veroorzaakt door de luierpakjes-man. Je verwacht – hoopt zelfs- dat hij zo meteen in pek en veren zal buitengedragen worden. Op het videoscherm ondertussen voortdurend beelden van Bianca’ s vervormde gezicht die aan het werk van Thomas Schütte doen denken.

Maar de muziek maakt alles goed. Prachtige songs, hemelse stemmen, bizarre klanken die afwisselend komen van de beatboxer en de Fisher-Price instrumentjes. Slechts een uur kunnen we genieten. Dan hebben zij het wel bekeken. De zaal schreeuwt om meer. Ze komen niet. De zaal wordt hysterisch. Hautain laten ze op zich wachten, om uiteindelijk, na minstens tien minuten om aandacht gevraagd en gekregen te hebben, weer het podium op te komen en ons te trakteren op twee schitterende bisnummers. Sierra aan de harp en Bianca achter de microfoon. En dit is de essentie van het optreden. Uitmuntend, prachtig in al zijn eenvoud. Betoverend en meeslepend. Bezwerend.

images-11.jpegimages-12.jpegimages-18.jpegimages-52.jpeg

Ze hebben het niet nodig. Al die bizarre dingen die rond hen gebeuren. Hun vrienden-entourage op het podium met blikjes bier in de hand. Het leidt alleen maar af. Het is lachwekkend. De volgende keer wil ik een intimistisch concert, met enkel zij tweeën en hun instrumenten. Of anders doe ik het wel met hun prachtige CD’s en dank ik De Grote Manitou in eenzaamheid om zoveel schoonheid!

CocoRosie- AB Brussel-11 april 2006- The Adventures of Ghosthorse and Stillborn

lees ook hier





passieverhalen/liefde voor muziek deel 1

26 03 2007

De Belgische klassieke muziekscene behoort tot de wereldtop. Wij mogen ons gelukkig prijzen dat mensen als Philip Herreweghe, René Jacobs, Paul Van Nevel zeer regelmatig optreden en we amper moeite moeten doen om aan een ticket te geraken, terwijl in het buitenland lange wachtrijen bestaan voor concerten met deze namen op de affiche.

collegiumvoc.jpegphilippe.jpeg

Zondag had ik dus weer het voorrecht Philip van Herreweghe aan het werk te zien in BOZAR. Een jaarlijks weerkerende belevenis in de Paastijd: een passie van Johann Sebastian Bach, uitgevoerd door het koor en orkest van het Collegium Vocale Gent. Dit jaar koos Philippe Herreweghe voor de Johannespassie. De Mattheuspassie staat nog steeds op mijn nummer één maar dit is wel een geweldige tweede.

Van Herreweghe was in goede doen. Ik heb weer eens genoten van de absoluut mooiste muziek ter wereld. Maar mijn gezelschap, een kenner, vond dit één van de mindere uitvoeringen. De tweede violiste was nu eerste violiste, en veel zwakker en minder leidinggevende. De sterhoboïst Marcel Ponseele ontbrak ook en deze zet normaal gezien een doorslaggevende stempel op het concert. De hoboïst van vandaag kon dat veel minder. Het samenspel tussen de verschillende instrumenten zat ook niet tot op de laatste noot gelijk in harmonie. De zangers waren minder goed dan anders, vooral in de stukken met veel instrumenten hadden ze moeite om hun stem er laten boven uit te klinken.

Maar ondanks dit alles was het wel een topvoorstelling van wereldniveau. Als men echter zo dikwijls caviar eerste keuze voorgeschoteld krijgt, is het even wennen wanneer men tweede keuze krijgt, maar het blijft wel caviar!

BOZAR Brussel – zondag 25 maart – 15 u – Henri Leboeufzaal
Collegium Vocale Gent Ensemble – Philippe Herreweghe leiding – Christoph Prégardien Evangelist (tenor) – York Felix Speer Christus (bas) – Camilla Tilling sopraan – Ingeborg Danz alt – Jan Kobow tenor – Peter Kooij bas
Johann Sebastian Bach Johannespassie, BWV 245








Volg

Get every new post delivered to your Inbox.